Het succesverhaal van een 18-jarige wijnboer uit het hoogste dorp van ons land Kwaliteit én duurzaamheid staan voorop bij St, Martinus

0
311
Tijdens de wijnkeuring van de lage Landen werd wijngaard St. Martinus van Stan Beurskens (hier links op de foto) wederom uitgeroepen tot de beste.

Bovenop een heuvelrug in Zuid-Limburg prijkt het hoogst gelegen dorp van Nederland, Vijlen. Omringd door heuvels rond de drielanden gemeente Vaals bevindt zich hier Wijndomein St. Martinus. Dit prachtige wijnhuis is het vooruitstrevende project van Stan Beurskens, waar wijn maken en duurzaamheid naadloos samengaan.

Duurzaam

Het begon allemaal in 1988, toen Stan’s vader Hans het idee had om op een duurzame en ecologische manier een rode kwaliteitswijn te maken. Hij plantte daartoe meer dan 70 verschillende druivenstokken, waaronder ook rassen die beter bestand zouden zijn tegen het uitdagende landbouwklimaat in Limburg. De 18-jarige Stan kwam door ziekte van zijn vader onverwacht snel aan het roer en heeft sindsdien het idee verder uitgebouwd tot een voor Nederlandse begrippen indrukwekkend wijndomein qua omvang en professionaliteit.

Het wijnhuis telt maar liefst vier verdiepingen in de grond, waar zoveel mogelijk klimaatneutraal wordt gewerkt. Water wordt grotendeels met ozon gezuiverd en weer hergebruikt, most en wijn wordt tijdens de vinificatie niet rondgepompt maar via zwaartekracht naar stalen tanks en houten vaten verplaatst en binnenkort kan vrijgekomen warmte tijdens het productieproces in de grond worden opgeslagen en teruggegeven. De plannen voor een tweede kelder in de grond liggen klaar, inclusief verbindende tunnel waar wijnen in ideale temperaturen rustig kunnen rijpen.

Eigenzinnig

De weg die Stan Beurskens bewandelde was geen gemakkelijke. Vanaf het begin heeft hij gekozen voor andere druivenrassen dan de klassieke variëteiten die zijn collega wijnboeren in de regio hebben staan. Er staat weliswaar nog wat Chardonnay en Pinot Gris, maar voor de rest zijn het allemaal namen die voor het grote publiek onbekend zijn. Druiven als Johanniter, Muscaris, Monarch en Cabernet Cortis spreken vooralsnog niet aan, vandaar dat de wijnen van St Martinus allemaal zelfbedachte namen hebben, zoals Bergdorpje, Funkelwien en Gris de Villare.

Beurskens werkt met zogenaamde hybride druivenrassen, kruisingen tussen een druif van Europese oorsprong (Vitis Vinifera) en een druif van Amerikaanse of Aziatische oorsprong. Het doel van kruisen is om druiven te creëren die beter weerstand kunnen bieden aan o.a. schimmelinfecties en vorst en die sneller rijp worden met zoveel mogelijk behoud van goede aroma’s. Zelf spreekt Stan liever van nieuwe druivenrassen in plaats van hybrides, die term vindt hij passé. Het zijn voor hem allemaal Vinifera druiven op Amerikaanse onderstokken.

Ook wijnboer worden? Neem een abonnement op Wijn En Wijngaard, het vakblad voor de wijnbouw in Nederland en Vlaanderen.

BOB Vijlen

Om zijn aparte status te onderstrepen, heeft Beurskens een aanvraag ingediend voor een aparte Beschermde Oorsprongsbenaming (BOB) Vijlen, met daarin uiteraard nieuwe druivenrassen. Maar niet alleen de druivensoorten, ook de bodem in de Drielanden gemeente Vaals waartoe Vijlen behoort, is anders vergeleken met bijvoorbeeld de onlangs toegekende BOB Mergelland. Onder de lösslaag is de grond veel steniger dan de veelvoorkomende mergel in de Maasvallei.
Beurskens verwacht dat de regelgeving wat betreft spuiten in de wijngaard nog strenger zullen worden. Gevoegd bij de onomkeerbare klimaatsverandering, is hij ervan overtuigd dat de nieuwe druivensoorten hem een voorsprong zullen geven op de rest in de regio.

Experimenteren

Nieuwe rassen worden eerst grondig getest in de proeftuin, waar inmiddels meer dan 110 variëteiten staan aangeplant. Alleen de druivensoorten die zich als een Vinifera plant ontwikkelen met bijbehorende aroma’s, worden in de reguliere wijngaarden aangeplant. Spuiten tegen schimmelziektes en insecten gebeurt bij St Martinus inderdaad veel minder bij deze nieuwe rassen. Maar in tegenstelling tot vroeger, komt de dreiging in de wijngaard tegenwoordig van alle kanten, zoals de Aziatische fruitvlieg oftewel Suzukivlieg. De natuur verandert continu, ook ziekteverwekkers, daarom gelooft Beurskens niet dat je kunt oogsten zonder ook maar een keer te spuiten. Wel blijft hij zoeken naar milieuvriendelijke bestrijdingsmiddelen, zo onderzoekt hij momenteel een ecologische vervanger van sulfiet.

In de kelder houdt de zoektocht naar de hoogste kwaliteit niet op. De meeste wijn is rood bij St Martinus, en volgens Stan is houtopvoeding daarbij een belangrijk onderdeel. In een aparte kelder liggen daarom talloze houten vaten, gemaakt van diverse soorten eikenhout van verschillende tonneliers. Bovendien hebben de vaten verschillende toastings, de mate waarin de vaten van binnen zijn gebrand, variërend van licht tot zwaar. De kunst is wachten en veel proeven om te kijken wat het beste past qua vinificatie en rijping.

Vooruitgang

Afgestudeerd aan het beroemde Duitse Geisenheim instituut, reist Stan de wereld over om wijnboeren bij te staan. Die ervaring heeft Vijlen inmiddels ook een plekje op de internationale wijnbouwkaart gegeven. In de wijngaard en kelder bruist het van de energie door jonge Hongaren, Duitsers, Portugezen en Australiërs. Allemaal met frisse kennis en enthousiasme, vol nieuwe ideeën.

Beurskens juicht die cocktail van culturen en kunde toe, geen voorstel is hem te gek om als groep te bespreken en op haalbaarheid te checken. Naast het blijven experimenteren met nieuwe rassen, zal technologie een wezenlijk onderdeel uit gaan maken bij St Martinus. Door middel van drones, robots en satellietdata wil Beurskens in de nabije toekomst tot op stokniveau in de wijngaard kunnen bepalen wat er moet gebeuren.

Auteur: Luc Giezenaar
Foto: Ilse Swank

P.S. Meer artikelen over Limburgse wijngaarden leest u in het nieuwe boekje Vrienden van Limburgse wijn, nu verkrijgbaar in onze webwinkel!